Jaimie Pisonier
Storm in mijn lijf
Eva trok voorzichtig een oog open en voelde meteen een felle pijnscheut tot diep in haar hoofd. Waarom waren die stomme overgordijnen niet dichtgetrokken? Voorzichtig ging ze rechtop zitten en probeerde haar ogen aan het daglicht te laten wennen. Dat lukte net, maar de man die ze naast haar zag liggen daar moesten haar ogen en hersenen zich toch even langer voor aanpassen. Wie in vredesnaam was die kerel? Ze probeerde zich iets te herinneren van de vorige avond, maar alle details waren vaag. Iets met wijn, een bar ... een hotel! Ze maakte dat ze zo snel mogelijk uit het bed klauterde, maar raakte met haar voeten verstrengeld in het laken en belandde met een plof op de grond. Met een vloek sprong ze rechtop. De man schrok wakker en met hand- hoofd- en armbewegingen maakte ze hem duidelijk dat dit, wat het ook was geweest, niet had mogen gebeuren. Verdomme ging ze ooit nog ophouden met die onenightstands? In een gehaast tempo zocht ze haar kledingstukken en handtas bij elkaar. Tijdens het aankleden excuseerde ze zich tegenover de eigenlijk best wel knappe man, die zich zo te zien weinig aantrok van al haar gestress. Toen ze naast hem op zijn nachttafeltje de lege drankfles zag staan, wist ze genoeg. Hoofdschuddend raapte ze haar schoenen van de vloer deed ze aan haar voeten en liep vol schaamte de kamer uit. Was ze echt zo diep gezonken dat ze nu ook al met totaal onbekende mensen het bed deelde? Dit was natuurlijk niet de eerste keer dat ze dit deed, maar doorgaans waren ze wel zo beleefd naar elkaar toe dat ze tenminste elkaars naam wisten en dat ze elkaar toch al een paar uur kenden voor ze tussen de lakens kropen.

In de gang liep ze tegen een kleine dame in uniform op.

‘Sorry, ik was zo in gedachten verzonken dat ik niet zag dat er iemand aankwam. ‘

‘Mevrouw, ik kwam zeggen dat de storm is gaan liggen, dus de boot is gereed om te vertrekken.’

Boot? Storm? Ze kneep haar ogen samen en deed haar uiterste best om haar geest helder te krijgen. Gelukkig merkte de al wat oudere dame op dat ze duidelijk een beetje hulp kon gebruiken.

‘Het cruiseschip waar u op meevaart. We waren op de terugreis, maar moesten gisteren een noodstop maken en daarom meerde het schip hier aan. Alle reizigers mochten, op kosten van de reisorganisatie, in dit hotel overnachten. U vertrok met een mannelijke medereiziger. Omdat u, euh, lichtjes dronken was, bood de man zijn hulp aan en u had er geen bezwaar tegen. Anders had ik u natuurlijk zelf hierheen gebracht, wel te verstaan.’

Medereiziger, dus die man was geen compleet vreemde voor haar geweest. Was het dan van gedurende haar reis dat hij haar bekend voorkwam? Plotseling drong het tot haar door dat ze gisteravond inderdaad op een boot aan het walsen was. Of wat ze toen toch dacht aangezien alle mensen in dezelfde richting als haar bewogen. O, lieve genade, het was helemaal geen dansen geweest, maar het deinen van het schip en zij die hoe langer hoe meer tipsy werd? Ja, ze was begonnen met een glaasje wijn. Wat meestal niet bij eentje bleef als het haar eenzaamheid en verdriet wegnam, maar ladderzat dronk ze zich nooit omdat ze dan de controle verloor over haar doen en laten.

‘O, mevrouw, ik hoop dat ik niet tot last ben geweest?’

‘Nee, daar was u heel duidelijk in. U ging geen medepassagiers lastigvallen, omdat u enkel op het dek wilde wandelen. Wat u van mij niet mocht vanwege het driegende noodweer en doordat u beneveld rondliep had u deze dreigende storm zelf niet eens opgemerkt.’

Haar schaamtegevoel kroop naar een nog hoger niveau dan waar het zich vanmorgen al bevond. Zou deze dame nu denken dat ze een drankorgel was. Met een gepijnigde blik keek ze naar de grond.

‘Ik was inderdaad niet in mijn zuiverste toestand, ik …‘

‘Mevrouw, wat u in uw vrije tijd doet is u keuze. Ik zag toen alleen dat u zich naar buiten wilde begeven en ik wilde u behoeden …‘

‘Mij behoeden om dronken overboord te vallen?’

‘Mevrouw …’

‘Ken je de film Overboard, met Kurt Russel en Goldie Hawn? Dat verhaal liep goed af en misschien is zo’n foute en stormachtige relatie iets wat ook perfect bij mij past.’

‘Mevrouw, ik ga de groep bij elkaar zoeken. Heeft u al ontbeten? Anders raad ik u aan om dat nog snel te gaan doen. Het zal nog wel even duren voordat heel de groep, vooral de passagiers met kleine kinderen, klaar is om te vertrekken.’

Had ze honger? Misschien ging een kop verse koffie en een broodje er wel in, maar meer toch echt niet anders zou straks op de boot haar maag in opstand komen.

Terug op de boot hield ze op het dek de reling van de boot stevig vast. Ze sloot haar ogen en genoot van de zeewind die in haar gezicht en haren blies. Nog een paar uur en dan was ze thuis. Ze wilde Anouk spreken, ze moest haar zus horen. Anouk aanbad haar, maar wat haar zusje niet wist, was dat andersom hetzelfde gold. Eva wilde dezelfde discipline bezitten die Anouk zichzelf steeds oplegde, ze moest leren hoe dat moest. Ze bezag mannen altijd als heerlijke seksspeeltjes en dat vond ze zelf oké tot ze Tom ontmoette. Haar beste vriendin's neef waar ze telkens opnieuw mee afsprak tot ze besloten om vrienden zonder verplichtingen te worden. Bij hem werd ze een Eva die ze zelf niet (her)kende en dat maakte haar bang. Tom was lief, zachtaardig, goedhartig ... Alle ingrediënten om een relatie mee te beginnen, toch? Maar wat als ze de Eva die hij bij haar naar boven wist te halen, op lange termijn niet meer tof zou vinden en haar eigengemaakte versie van zichzelf, een Eva waar jarenlang hard oefenwerk was ingestoken, verdween? Het enige wat Tom haar vorige kerst had gevraagd, was om een eerlijke echte eerste date. Het enige wat zij hem had gevraagd, was tijd, maar tijd waarvoor?

De aanraking van een warme hand op de hare deed haar opschrikken.

‘O! Hallo, euh ... sorry, ik weet je naam niet of heb hem niet onthouden, vrees ik.’

‘Jean-Paul. En jij?’

‘Jean- Paul.’

Ze schaterde het uit om de verbijstering op zijn gezicht.

‘Eva. Mijn naam is Eva, maar ik sprak je naam hardop uit omdat ik hem nogmaals wilde horen. Mooie naam.’

‘Merci, ouders met een voorliefde voor Frankrijk.’

‘Sorry, dat ik ... dat wij …’

Omdat zijn vingers tegen haar mond lagen en hij haar gebaarde dat ze moest zwijgen, staakte ze haar gestamel maar al te graag.

‘Zeg nooit sorry als iets goed en leuk is!’

Ze deed onmiddellijk een stap achteruit en voelde haar ademhaling in problemen komen.

‘Oké, maar weet dan wel dat dit absoluut mijn bedoeling niet was. Mijn leven is al ingewikkeld genoeg en die nacht had niet mogen gebeuren. Ik ga nu mijn spullen pakken en wil dit toch graag vergeten.’

Ze had zich nog maar net omgedraaid toen ze de reling opnieuw vastgreep door zijn vraag of ze met die fotograaf, een zekere Tom, nu wel of geen relatie had.

‘Hoe weet jij dat allemaal? Och ja, laat me raden: ik was zo zat dat ik het je allemaal in geuren en kleuren heb verteld?’

Zijn vingers streelden zachtjes over haar bovenarm, terwijl hij haar met zijn andere arm om haar middel met haar rug tegen zijn borstkas duwde.

‘Nee, Eva, zo is het niet gegaan. Denk maar eens goed na terwijl je staat in te pakken vanwaar je mij eigenlijk kent. Want mijn lieve Eva, je kent mij al heel lang hoor.’

Ze trok zich los uit zijn greep die niet hardhandig was, maar toch bezorgde zijn omhelzing haar de kriebels. Ze draaide zich om en bestudeerde zijn gezicht eens wat grondiger. Er was iets in zijn gelaatsuitdrukking waardoor ze alert werd, maar ze kon er niet de vinger opleggen wat het was. Was het de manier waarop hij zo gefascineerd naar de golven staarde die haar een beklemmend gevoel gaf. Ze liep van hem weg en snelde met grote passen het dek af.

‘Adieu, Jean-Paul’

Bij het aanmeren in de eindhaven, voelde ze zich zo blij als een klein kind. Op de parkeerplaats stond Tom en die zou zichzelf niet zijn als hij geen camera bij zich had en plaatjes stond te schieten van het prachtige cruiseschip. Net op het moment dat ze haar hand naar hem wilde opsteken, werd het door iemand anders vastgepakt en stond ze opnieuw oog in oog met Jean-Paul. Zijn ogen lieten haar niet los, ze kreeg het koud van die akelige, donkere gloed erin. Zijn woorden bevestigde nogmaals haar vermoeden. Hij pakte haar ellebogen vast en plaatste zijn wang tegen die van haar.

‘Zeg nooit meer: adieu Jean-Paul. Het juiste antwoord is: tot binnenkort, Jean-Paul.’

Voor ze wist wat ze met die zin moest, was ze hem kwijt tussen de mierenhoop aan vertrekkende passagiers. Toen ze weer naar Tom keek, stond die haar stomverbaasd aan te gapen en hij had er zo te zien al zijn eigen versie van gemaakt. Wat heel jammer was, maar voor nu even zijn probleem. Dat van haar was echter niet minder groot: zij sliep voortaan maar op één oor tot ze wist wie die Jean-Paul écht was …
Reageer

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *