Roland Smulders
Hormonen
Hij heeft een hekel aan wandelen. Zijn vriendin weet het, maar ze geeft er de voorkeur aan het te negeren. Nors volgt hij haar over het smalle bospad waar overal boomwortels loeren op een kans hem te laten struikelen. Zijn schoenen knellen door het opzwellen van zijn voeten. Rechts snijdt het leer in zijn hak. Straks ligt het vel eraf en moet hij weer een week aan de pleisters.
Zijn vriendin blijft staan en snuift gretig de zware boslucht op. ‘Heerlijk’, zegt ze. ‘Ik geniet elke keer opnieuw als we hier lopen.’
Hij reageert op de manier die ze van hem verwacht. Fijn dat ze het naar haar zin heeft. Het maakt niet uit dat zijn voeten in brand staan. Om haar gelukkig te zien heeft hij het er graag voor over.
‘Gaat het nog?’, vraagt zijn vriendin met iets van bezorgdheid in haar stem. ‘We kunnen teruggaan naar de auto als je dat wilt.’
‘We zijn al over de helft’, antwoordt hij. ‘Omdraaien betekent alleen dat ik nog verder moet lopen.’
‘Dadelijk kun je even bijkomen.’
Dat hoeft ze hem niet te vertellen. Iedere redelijke zondag hetzelfde rondje door het bos, onderbroken door een stop bij dezelfde uitspanning. Koffie voor hem en abdijbier met grenadine voor haar. Een enkele keer nemen ze er bitterballen bij. Het ligt eraan hoe bijzonder de zondag is. Om te genieten heeft zijn vriendin weinig nodig.
‘Hou je nog van mij?’
‘Waarom vraag je dat?’ Heeft ze iets gemerkt van het ongenoegen in zijn hart? Het is verleidelijk om dingen te beloven in een roes van verliefdheid en medelijden. Eeuwige trouw, begrip voor haar terughoudendheid op momenten dat zijn hormonen aan de deur rammelen. Het komt goed, alleen niet die keer. Ze heeft het moeilijk. Hij neemt haar niets kwalijk. Hun liefde is te sterk om onder de druk te bezwijken.
‘Ik wil het gewoon weten.’
Snel geeft hij haar een zoen en wrijft met zijn hand over haar rug. Een geoorloofde uiting van intimiteit. Zolang hij op veilig terrein blijft, is er geen vuiltje aan de lucht. ‘Natuurlijk houd ik van je’, zegt hij geruststellend. Op een aan anderen niet uit te leggen manier is het zelf waar. Een leven zonder haar kan hij zich niet voorstellen. Te verstrikt is hij in de relatie van wederzijdse afhankelijkheid zonder echte bevrediging. Hij weet hoe het aanvoelt helemaal niets te hebben.
‘Je bent lief.’
Hij is lief en gek. Gek op haar en gek door haar. Het besef geeft kortstondig een gevoel van verlichting. Uiteindelijk zullen de hormonen winnen. De verhouding is gedoemd te eindigen met een explosie van bittere verwijten en razend geweld. Maar voorlopig gaat het nog goed. Eerst koffie, abdijbier en een schaal bitterballen. Hij is lief en lieve mannen verstaan de kunst zich te beheersen.

Heeft ze ooit van hem gehouden? Hij vraagt het zich af, terwijl hij de bewegingen van de jongeman volgt die de bestelde consumpties op de robuuste houten tafel zet. Misschien dacht ze alleen van hem te houden. Zoals hij dat ook dacht. Zoals alle jonge mensen denken dat verliefdheid en dierlijke begeerte iets te maken hebben met houden van.
‘Het is druk’, zegt zijn vriendin. ‘We zijn duidelijk niet de enigen die van het mooie herfstweer genieten.’
Hij knikt. Ze heeft gelijk. De meeste tafels rond de onooglijke uitspanning zijn bezet. De warme zon drijft mensen uit hun schuilplaats. Ze willen op de valreep wandelen in de bossen en iets drinken op het terras onder de hoge bomen. Het jonge paartje dat in de hoek zit zal dadelijk afrekenen en verder het bos in lopen. Hand in hand op zoek naar een stille plek. De man en vrouw bij de toegang tot het terras hebben die tijd al gehad. Ze komen alleen nog om het zich te herinneren. Op een dag zullen ze het met een blos op de wangen door te veel alcohol vertellen aan de kleinkinderen. Hun eerste keer. Ze waren jong en alle jonge mensen deden het. Liefde was nog spannend in die tijd.
De kleinkinderen zullen geschokt reageren. Wat vertellen opa en oma nu weer? Het idee alleen al is te bizar om aan te denken. Met zulke dingen horen oudere mensen zich niet meer bezig te houden.
De kleinkinderen in kwestie kunnen gerust zijn. Sommige oudere mensen houden zich er inderdaad niet meer mee bezig. Er is nog hoop voor hun preutse wereldbeeld. Het zijn de zielige figuren die menen dat een relatie lichamelijkheid nodig heeft om te kunnen overleven. Desnoods onder dwang als het niet vrijwillig kan. Gelukkig heeft hij meer verstand en begrip. De liefde die ze voor elkaar voelen maakt alles goed.
Het brengt hem terug bij zijn eerdere vraag. Is het liefde of angst die hen bij elkaar houdt? Ze heeft hem nodig om haar demonen op afstand te houden. Zonder hem doet ze dingen die ze niet wil doen. De drang is sterker dan haar wilskracht. Met hem kan ze het volhouden, meestal in ieder geval. Soms zijn die demonen ook voor hem te sterk.
Het jonge paartje verdwijnt inderdaad gearmd in het bos. Met een schuin oog houdt hij de man van het oudere stel in de gaten. Verbeeldt hij het zich, of vormen de strakke lippen een stille aanmoediging er iets moois van te maken. De oudere man wil ook wel arm in arm het bos in, maar dat feest gaat niet door. Fantaseren over wat gaat gebeuren kan echter niemand de oudere man verbieden.
‘Wat denk je nu?’
‘Dat ik hoognodig moet’, liegt hij. Een geloofwaardige leugen om het gevaarlijke drijfzand te ontwijken.
‘Blijf je niet te lang weg? Je weet dat ik niet graag alleen ben.’
Hij belooft zich te zullen haasten. Als er tenminste geen rij staat. Op de sanitaire voorzieningen is bij de uitspanning zoveel mogelijk bespaard. Zeker aan de kant van de heren. In het geval van hoge nood staan er genoeg bomen, moet de uitbater gedacht hebben bij het uitbroeden van de bouwplannen.
Reageer
Ruud Lamp
21/11/2018 at 18:14
Reply

Je houdt de spanningsboog lekker hoog en het geheim van de deceptie in stand



jan mantel
20/11/2018 at 15:10
Reply

Mooie strijd aangegeven tussen het innerlijke en de ratio. De sfeer wordt prima weergegeven. Je zou willen dat je even mee kon kijken als ze straks in hun slaapkamer zijn!



Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *